In Vlaanderen
In Vlaanderen komt Sinterklaas half november met de stoomboot aan in Antwerpen, waar hij aan de Schelde wordt verwelkomd voor hij door de stad trekt. Vanaf dan zingen de kinderen sinterklaasliedjes en zetten ze hun schoen, met een wortel en een suikerklontje voor zijn paard.
Veel kinderen hebben al lang voordien hun brief met wensen gestuurd, vaak met een tekening erbij. Op de ochtend van 6 december is de Sint langs geweest: een paar cadeautjes, speculaas, chocoladefiguurtjes en -muntjes, marsepein en mandarijnen.
De Sinterklaasgebruiken staan op de Vlaamse inventaris van het immaterieel cultureel erfgoed.
In Nederland
In Nederland is de grote avond de dag ervoor: op 5 december is het pakjesavond. Vaak geeft men elkaar een surprise, een cadeau in een grappige vermomming, met een gedicht dat speciaal voor de ontvanger is geschreven.
Op tafel staan kruidnoten en pepernoten, en er is een chocoladeletter, vaak de eerste letter van je naam. De stoomboot en het witte paard van Sinterklaas staan al in een kinderboek uit 1850.
In Wallonië en Brussel
In het Franstalige deel van België rijdt Saint-Nicolas op een ezel. Op de avond van 5 december zetten de kinderen hun schoen bij de schouw of bij de deur, met een wortel of wat hooi voor de ezel, en op 6 december 's ochtends liggen de cadeautjes klaar.
Speculaas hoort er helemaal bij: op 4 december 2020 zette het Brussels Hoofdstedelijk Gewest het op zijn inventaris van het immaterieel cultureel erfgoed.
In Luxemburg
In Luxemburg wachten de kinderen op de Kleeschen. In de nacht van 5 op 6 december zetten ze hun pantoffels voor hun deur, en 's ochtends liggen er lekkers en soms een klein speeltje in.
Bij het ontbijt op 6 december eet men een Boxemännchen, een broodje in de vorm van een mannetje. Die dag hebben de kinderen van de basisschool vrij.
In Lotharingen
Sint-Nicolaas is de beschermheilige van Lotharingen, in het oosten van Frankrijk. In Nancy staan de Sint-Nicolaasfeesten, met hun grote optocht rond 6 december, op de Franse inventaris van het immaterieel cultureel erfgoed.
Kinderen krijgen er vaak een peperkoek in de vorm van de heilige, soms met de hand versierd.
In Fribourg, in Zwitserland
Sinds 1906 organiseren de leerlingen van het Collège Saint-Michel het bezoek van Sint-Nicolaas, in het eerste weekend van december. Hij trekt op zijn ezel door de oude stad, bij fakkellicht, en er worden duizenden biscômes, peperkoeken, uitgedeeld.
Bij de kathedraal, waarvan hij de beschermheilige is, houdt hij zijn toespraak vanaf het balkon, in het Frans en het Duits.
Overal dezelfde draad: een schoen die wacht, een dier waaraan gedacht wordt, en een heilige die stilletjes geeft.